BBL niet blij met herijking Huishoudelijke Ondersteuning

Dinsdagavond 12 december 2017 werd in de meningvormende vergadering, op verzoek van de PvdA, de Raadsinformatiebrief Herijking Huishoudelijke Ondersteuning (pdf). Hieronder de reactie van de Brede Beweging LinksOm.

Deze Raadsinformatiebrief is BBL een doorn in het oog en wij vinden deze manier van herindiceren te ver gaan. Wel goed vinden wij het voorstel om het proces te verkorten en te versnellen, maar bij de manier waarop het college dit voorstelt heeft BBL vraagtekens. De inwoner gaat zelf zoeken naar een aanbieder op basis van de steunwijzer. BBL weet uit ervaring hoe moeilijk dit soms is. Zeker met hulpmiddelen. Enige ondersteuning of begeleiding is hierin voor veel mensen noodzakelijk.

BBL constateert, net als andere partijen, veel onrust onder de inwoners die gebruik maken van Huishoudelijke Ondersteuning. Voor velen is dit ook niet de eerste keer, dat zij geconfronteerd worden met een mogelijke mindering in het aantal uren ondersteuning. Als je met deze mensen praat, dan zijn zij ook vooral boos dat er weer wordt herindiceerd en vrezen zij het ergste.

BBL vindt ook, dat je ook niet onnodig moet herindiceren. Niet alleen voor mensen met een levenslange zorgafhankelijkheid, maar ook voor ouderen en mensen die voor een groot deel afhankelijk zijn van mantelzorg. Het college moet namelijk beseffen, dat de uren Huishoudelijke Ondersteuning die in mindering worden gebracht, terecht komt op het bordje van de vaak te zwaar belaste mantelzorger.

Inmiddels is aan 2 leveranciers een gunning gedaan. Een voor noord en een voor zuid. Hebben we niet geleerd uit het verleden? Een dergelijke constructie hebben we eerder gehad en inwoners zaten toen opgescheept met twee leveranciers die verschillend in kwaliteit waren. Een keuze had je niet, omdat de leverancier gebiedsgebonden moest werken. BBL had graag van de wethouder vernomen hoe zij ongelijkheid in de toekomst wil voorkomen?

Verder is er veel jurisprudentie met betrekking tot de huishoudelijke ondersteuning. Mag BBL ervan uitgaan dat de wethouder deze werkwijze, zoals die beschreven wordt in de Raadsinformatiebrief, uitgebreid langs de juridische meetlat heeft gelegd?

Ook is BBL benieuwd of de wethouder bepaalde risico’s voor cliënten onderkent bij de vorm van budgetfinanciering. Kan de wethouder aangeven dat in verband met de zorgplicht van de gemeente, het zorgrecht van cliënten niet geschonden wordt in termen van toegankelijkheid en beschikbaarheid? Met andere woorden kan BBL ervan op aan dat cliënten de zorg ontvangen die ze nodig hebben op het moment dat ze die nodig hebben?

En als laatste verwacht BBL een goed kwalitatief onderzoek naar de tevredenheid.