Bijdrage raadsdiscussie Begroting 2016 en MIP 2016 -2019

De gemeente heeft vanaf dit jaar de verantwoordelijkheid over moeten nemen van het rijk voor beleid en uitvoering op 3 grote beleidsterreinen. We kregen daarvoor wel flink minder geld om het uit te voeren. BBL wil graag onze zorg uitspreken en aandacht vragen voor het volgende. De afgelopen jaren zijn grote aanvullende kortingen op het gemeentefonds ingeboekt zonder dat er sprake was van taakwijzigingen. Bij elkaar bedroegen deze extra kortingen meer dan 1 miljard euro.

Volgens informatie van het VNG zal in 2016 en latere jaren eveneens sprake zijn van aanvullende kortingen, waarvan in totaal nog 915 miljoen euro resteert. Verder zal de verplichte vennootschapsbelasting de mogelijkheid van de gemeente verminderen om verhoogde inkomsten te genereren door eigen activiteiten te ontplooien. En terwijl de regering met een lastenverlichting van 5 miljard mooie sier maakt, maken wij ons zorgen dat de gevolgen van de decentralisaties vanaf volgend jaar in alle hevigheid ook door de Eindhovenaren gevoeld worden. Een belangrijke reden voor BBL om daarom de motie te steunen over verruiming van het noodfonds SMH.

Wat heeft het college gedaan om de regering er van te doordringen dat zij het werk en de zorg van de gemeente voor haar inwoners onevenredig zwaar belast. Anders gezegd welke initiatieven heeft het college genomen om partijleden in Den Haag ervan te overtuigen dat deze kortingen en beperkingen niet stroken met de (verzwaarde) taken die wij als gemeente dienen uit te voeren en die onze kwetsbare en hulpbehoevende inwoners onevenredig hard raken.

Heeft het college bij de opstelling van de begroting 2016 en de MIP al rekening gehouden met mogelijke nieuwe kortingen van het rijk en de (hoogte van de) aanslag van de vennootschapsbelasting. Wat betekent dit voor de uitvoering van het collegeprogramma en de lopende taken? Voorzitter het is daarom dat wij ons amendement hebben ingediend. Voor ons voelt zoals het nu in het MIP beschreven staat als een blanco cheque uitgeven zonder dekking en met vooruitzichten op komende magere jaren. Een prioriteitenlijst in de MIP is voor BBL tot nu toe een waardevolle aanvulling geweest. Maar de manier waarop het college deze prioriteitenlijst nu presenteert gaat voor BBL te ver. Post 1 en 2 zijn PM posten en een lijst goedkeuren wat daarna de consequenties zijn gaat voor BBL te ver. Daarom dat wij dit amendement voorleggen, om deze eerste twee posten te schrappen en pas weer terug op de lijst te zetten na presentatie van duidelijke cijfers en goedkeuring van de raad.

De toeristenbelasting is in de commissievergadering door BBL aangehaald. We hebben zorgvuldig naar het antwoord van de wethouder geluisterd en nogmaals gekeken naar het oude voorstel van het vorige college. BBL heeft nog even een motie overwogen, maar gezien de discussie in het vorige college kunnen wij daar nooit een meerderheid voor krijgen. Omdat BBL geen moties voor ‘de bühne’ in wil dienen zien wij hier voor nu van af.

Het IHP (Intergraal HuisvestingsPlan voor scholen) heeft te lang op de plank gelegen, waardoor het nu niet goed in de begroting is opgenomen en er in alle haast met ‘trucjes’ gewerkt moet worden om het achterstallig onderhoud en noodzakelijke nieuwbouw van scholen aan te pakken. BBL hoopt dat de toezeggingen van de wethouder ook daadwerkelijk uitgevoerd worden. Wij gaan hier dus geen motie voor indienen, maar vragen de wethouder om ons ‘stap voor stap’ op de hoogte te houden.

Onze motie over het referendum. Als politieke en democratische partij vinden wij het belangrijk dat burgers betrokken worden bij het politieke proces en dat de overheid als hoeder en vormgever van de democratie/democratische processen, zorg dient te dragen voor een eerlijke en representatieve stembusgang waarbij alle inwoners maximale toegang behoren te krijgen tot stemlokalen in hun buurt.

Volgend jaar april staat het referendum op de agenda over het voorstel voor een associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne. BBL is teleurgesteld dat de regering slechts 20 miljoen beschikbaar stelt voor het houden van dit referendum, terwijl er zo’n 40 miljoen nodig is volgens berekeningen van de VNG en in vergelijking met Tweede Kamer verkiezingen. Daarmee wordt de rekening doorgeschoven naar de gemeenten en wij vrezen dat hierdoor de toegankelijkheid/bereikbaarheid van de stembusgang in gevaar komt. Want zijn er dan wel voldoende stemlokalen die bereikt kunnen worden zonder lange reistijden of wachttijden, een belangrijke voorwaarde voor eerlijke en democratische deelname.

Met de voorgestelde motie roepen we het college op te zorgen voor een eerlijke en representatieve stembusgang voor dit referendum. Door bij de regering te pleiten dat er meer geld beschikbaar komt om dit mogelijk te maken en door voorzieningen te treffen dat er voldoende stemlocaties zijn en een voorziening op te nemen in de begroting zodat voldoende geld beschikbaar is vanuit de gemeente.

Leave a Comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.